the Wild Lands

Drakentocht

Onze helden bevonden zich ergens diep in de kamers en gangen die de koopman voor hen geopend had. Door de uitgestrektheid die de kleine doos bezat leken ze als miniaturen in een wreed spel. De vertwijfelde stilte werd echter doorbroken door Brecht die hen moed in sprak. Ze hadden toch overwonnen? Dit was nog maar het begin van de kerker van Azhrymeus, maar ook nog maar het begin van hun krachten. De vertwijfeling die Brecht zelf voelde doorheen zijn woorden, werd gelukkig niet gemerkt door zijn vrienden die zich nu gesterkt voelde en klaar voor de strijd. Ze zouden niet bij de pakken blijven zitten en opende snel een deur. Of eerder behoedzaam, héél behoedzam. Deur na deur werd geopend alsof het een poort naar de hel was. En telkens waren ze weer verbaasd door wat ze vonden. Eerst een kamer met stinkende wandtapijten, verlicht door enkele fakels en op het einde een rottende kist. Met uiterste voorzichtigheid betraden ze de kamer, maar deze bleek volkomen veilig te zijn. Brecht doorzocht de kist en haalde er een versleten zandloper uit met een gebroken glas. Met enige voorzichtigheid plaatste hij dit stoffig voorwerp in zijn bodemloze zak. Poot kwam er nieuwsgierig naast staan. “Ga je dat echt meenemen?”. Maar een antwoord had hij eigenlijk niet nodig, Brecht verbaasde Poot nu eenmaal wel vaker met zijn verzamelgedrag. En ze gingen verder van deur tot deur.

Zo opende ze weer behoedzaam een deur naar een grotere kamer. Het bleek een trainingskamer te zijn met allerlei oefen poppen. Terwijl Brecht zijn hoofd draaide om de kamer te zien, zag hij plots door het vizier van zijn helm een witte draak met ijskoude adem naar hem staren. “Draak!” schreeuwde hij om zijn strijdmakkers te waarschuwen en er ontstond een ijzig gevecht. Weer hield Brecht stand in de deuropening om het majestueuse beest op een afstand te houden terwijl de andere helden pijlen, bliksemschichten en vlijmscherpe beledigingen op de draak afvuurde. Wild van frustratie sloeg het beest om zich heen en brieste met een ijskoude adem die hun geselde als hagel. Het was uiteindelijk het vlammende zwaard van Brecht dat zich in het bevroren hart van de draak boorde en de kamer deed schudden toen het beest op de stenen vloer viel. En nu siert één van haar tanden de Winterstaf van Poot.

Ze besloten kamp op te slagen in de bibliotheekkamer waar er twee relatief comfortabele zetels stonden. De strijd was hevig geweest en ze durfde het niet aan om vermoeid verder te verkennen. Donoma opperde ook dat de boeken de wacht konden verlichten. Anderen vonden dat dan weer een risico op onverwachte slaap, tenzij die boeken in het vuur gebruikt werden. Maar ieder op zijn manier werd de wacht zonder incidenten gehouden. Bij het ontwaken rekte Poot zich nog eens uit en voelde zich stijf. Want zelfs in de gedaante van een oerbeest blijft een kerker een koude vloer hebben. Wat zijn frustratie enkel groter maakte toen hij de volgende deur opende en daar een naar jasmijn ruikende kamer aantrof met een groot comfortabel bed. De kerker van Azhrymeus bleef verbazen. Achterin bleek ook nog eens een kamer met allerlei hendels, schakels en kettingen te zijn. Livio toonde zijn meetserlijk technisch vermogen en vond al snel een knop en een hendel die duidelijk een val bediende. Er was geen manier om te weten waar die was en wat het overhalen van de hendel zou bewerkstelligen, maar er stond alleszins een tekening van een vervaarlijke zeis aan een ketting op.

De tocht door de kamers ging verder en bracht hen in een verlaten scriptorium. Dit vertrek moest wel met haast verlaten zijn, want de inktpotten stonden nog geopend op de schrijftafels. Brecht vulde zijn inktvisfles met de inhoud van alle potjes, wat hem weer verbaasde blikken van zijn vrienden opleverde. Wat verder vonden ze een kamer met een grote marmeren kelk. Er kwam een vreemde groene gloed van de vloeistof in de kelk. Nog voor Poot zijn dorst kon lessen, hield Donoma hem tegen en bestudeerde het water. Na enig onderzoek kwam ze tot de vaststelling dat deze vloeistof een heilzame werking zou hebben. Brecht en Poot deden zich dan ook te goed aan het glimmend water en voelde terug nieuwe herstellende krachten door hun lichaam vloeien. Dit bleken ze nodig te hebben, want de volgende deur bracht nog meer gevaren.

Voorzichtig opende Poot de deur en zag door een kier een prachtige kamer. Een bos van marmer, compleet met minitieus gebeeldhouwd bladerdak en vogeltjes. Maar dit bos bleek bevolkt door hobgoblins en een krokodil. Met uiterste inspanningen om geen geluid te maken sloot hij de deur weer en vertelde het aan zijn strijdmakkers. Er werd een plan gesmeed met voetangels en een barrage van pijlen, wind en de immer snijdende opmerkingen die aan Donoma ontsproten. De deur zwaaide open en de aanval werd ingezet op de verbaasde hobgoblins. Deze strijdlustige wezens bleken taaier dan gedacht en weerde zich geducht in phalanx. Ze sloegen er in Brecht neer te krijgen en in de kamer te sleuren. Maar dat bleek ook hun ondergang want één voor één vielen ze, radeloos door sneren, doorboort door pijlen, bevroren door ijzige wind of verschroeit door vlammend staal. In dit gevecht raakte Brecht echter een drukplaat en zowaar, de machtige zeis kliefde doorheen het marmeren bos. Nog net op tijd kon hij de kamer uitrennen terwijl Poot als een panter naar de hendel die ze reeds gevonden hadden rende. De zeis stope en het werd het deze keer Donoma die het licht van de gevallen vijanden stal en in haar ogen sloot.

Maar het einde van de kerker, dat bleef hun ontglippen.

Comments

Prachtig geschreven! Bedankt voor het spannende verslag!

Drakentocht
 

Absoluut! :)

Drakentocht
Jedyte Oakleaf

I'm sorry, but we no longer support this web browser. Please upgrade your browser or install Chrome or Firefox to enjoy the full functionality of this site.