the Wild Lands

Oversteek Perelgaards Pas

s’Ochtends komen Lerissa, Gareth, Korom en Tar samen op het ontbijt met eieren en piBwasser. Ze mijmeren een tijdje over de avonturen die ze gehoord en/of beleefd hebben. En vooral de pas in het Lansiersgebergte die s’nachts niet gebruikt mag worden, wekt de interesse bij de avonturiers op.

Maar voor ze vertrekken, gaan ze nog even langs bij meneer Marius Aran in het Sint-Avandra Ziekenhuis. Lerissa had immers een hele bos paddestoelen die ze aan hem wou laten zien. Arande bekeek de paddestoelen en lachte grimmig, “Ge hebt inderdaad vanalles mee, maar ik ben vooral op zoek naar zegenzwam en vlamammaniet. De zegenzwam groeit in bankjes tegen de wand en herken je aan zijn parelachtige look. En de vlammaniet is een gigantische oranje gestreepte paddestoel.”

Hierop gingen de avonturiers nog even langs bij apotheker Thalius waar ze enkele dosissen utraï-gif kregen op bsis van de argalbloemen die ze hem gegeven hadden.

Pas
Kort daarop vertrokken ze rechtstreeks naar het lansiersgebergte om tijdig de pas te kunnen oversteken. Door de talrijke waarschuwingen over de vermiste personen die de pas ‘s nachts overstaken, zouden ze geen risico’s nemen. Na een tijdje wandelen doorheen de Azuren Kliffen zagen ze plots tegenliggers. Het was een kleine kar beladen met zilver, voortgetrokken door 2 muilezels en bewaakt door enkele wachters. Na een kort gesprek met hen bleek dat ze van mijn B kwamen en onderweg waren naar Zuiderhaven. Korom twijfelde nog om de karavaan te overvallen, maar bedacht bij zichzelf: waarom een kleine kar overvallen als we een ganse mijn met zilver kunnen veroveren, en hij zette het idee dan ook maar uit zijn hoofd.

Bij mijn A aangekomen staan ze voor het kronkelende pad dat doorheen het Lansiersgebergte trekt.
De waarschuwing op het bord langs het pad is duidelijk “’s nachts pas niet oversteken”.
Maar hier hoefden ze nu niet bang voor te zijn aangezien het nog maar bijna middag was.
Dus trokken ze de bergen in. Het pad ging steiler en steiler, de lucht werd er iets ijler, ademen iets moeilijker, maar het zicht was fantastisch! Langs steile wanden klommen ze door tot ze plots steentjes hoorden vallen iets verderop. Lerissa ging op verkenning en zag een groot wezen met 4 poten, vleugels en een snavel. Beter bekend als een Hyppogryph. Vastberaden om de pas over te steken, stormde het viertal af op het beest, zwaaiend met hun zwaarden. Het leek wel of Gareth en Korom eten gezien hadden. Ze hakten het beest bijna in fijne schijfjes om in de pan te bakken.

Toen ze verder doorgingen op het steile bergpad, zagen ze iets verderop een wachttorentje van zo’n 4m hoog. Dit torentje bleek helemaal bovenaan de pas te staan. Daar aangekomen was er een kleine open plaats met enkele kleine overnachtingsplaatsen en enkele kleine grotten die bevoorraad waren door hout, hooi, drank,… Maar het was duidelijk dat er al lang niemand meer in de gebouwen was geweest.

Om toch tijdig de pas over te zijn, vervolgden ze hun weg. Tot er plots een vogeltje met bliksem uit z’n gat kwam aanvliegen. Lerissa was verheugd het kleine diertje te zien. De donderhavik, ook bliksemhavik genaamd, landde iets verderop op de pas, net uit het zicht. Lerissa ging wederop op verkenning en zag dat de donderhavik, samen met 2 hyppogryphs, aan het eten was.
Korom, Lerissa, Gareth en Tar probeerden ze snel te overmeesteren met een verassingsaanval, ze smeerden hun wapens in met zwaarvoetgif en utraiyi-gif en stormden erop af. Maar Korom was duidelijk niet weggelegd om zich stil te houden en geraakte ook snel gefrustreerd toen de vogels opstegen en steeds in duikvlucht kwamen aanvallen. Lerissa schoot snel op alles was bewoog tussen haar niesbuien door, Tar deed vooral veel vrolijke danspasjes (duidelijk charm of “misplaced” wrath) en Gareth nam zijn zwaard, zweerde die beesten af te maken en deed dat ook.
Na een hevige strijd waren twee vogels in de ravijn gestort en hadden ze wederom een hyppogryph in mootjes gehakt.

Uiteindelijk kwamen ze aan de andere kant van het Lansiersgebergte terug op vlakker terrein. Aan het einde van de pas stond een standbeeld. Het leek wel op een soldaat en droeg de optiteling “Perelgaard”. Het heuvelachtige landschap dat zich voor hen uitstrekte was weinig begroeid en voor hen liepen sporen die richting het westen gingen. Ten noorden van hen zagen ze in de verte iets liggen tussen twee grote heuvels. Om een beter zicht op de omgeving te krijgen, klommen ze op één van de heuvels en verderop ten noorden zagen ze kraters in de grond. Ook zagen ze dat het voorwerp tussen de heuvels een katapult was die vrij recent totaal in de vernieling werd gebracht. Ten westen van hen, iets verderop langs het Lansiersgebergte zagen ze een pallisade in een inham. De sporen bleken ook richting deze pallisade te gaan. Toen ze bij de pallisade aankwamen, zagen ze een hoge houten muur, bewaakt door wachter, boogschutters met kruisbogen en speren. Een potige dwerg, genaamd Zar Spekholzer, was de organisator van de vestiging. Die pallisade was hoognodig om mijn B (die er vlak achter lag) te beschermen tegen Goblins en groene mannekes. Zar wist nog te vertellen dat ze van geluk mochten spreken dat er vooral gevochten werden tussen die twee. Want als die allemaal hen zouden aanvallen, zou het snel gedaan zijn met het ontginnen van zilver in mijn B. Het viertal besloot te overnachten in de barakken achter de pallisade.

Na een korte nachtrust werden ze abrupte gewekt door Zar. “Jullie kwamen toch om te helpen? We worden aangevallen door Goblins en kunnen jullie hulp best gebruiken!”. Kleine, lelijke en vooral stinkende! mannetjes bestormden de poorten van de houten muur. De strijd was zo hevig dat een grote stofwolk oprees. Twee boogschutters hielpen ons viertal, maar schoten meer in hun eigen voeten, dan op de goblins. Maar de goblins waren niet opgewassen tegen de vernietigende kracht van Tar, Lerissa, Gareth en Korom. En ze legden er na een hevige strijd het loodje bij.

Vermoeid besloten ze dan terug te gaan richting Zuiderhaven en stoken de pas terug over.
Toen ze die bijna over waren, hielpen ze nog snel een kar die aangevallen werd door 2 hyppogryphs. Deze mini-karavaan begeleidden ze dan nog veilig terug tot in Zuiderhaven waar ze allemaal fijn hun bedje inkropen.

Comments

Plezant geschreven! :)
Heb effe een spellings-run gedaan (Utraiyi, Perelgaard, …)

Oversteek Perelgaards Pas
Jedyte Jedyte

I'm sorry, but we no longer support this web browser. Please upgrade your browser or install Chrome or Firefox to enjoy the full functionality of this site.